Ik ben Anna, 38, getrouwd met Jeroen, twee kids, baan in de financiën in Amsterdam. Buitenstaanders zien een perfect leven: keurig huis in de Jordaan, joggingclub op donderdagen. Maar niemand weet van Paul. We ontmoetten elkaar jaren geleden bij een aanbesteding voor financiële rapporten. Zijn uitgeverij was niet de goedkoopste, maar hij snapte me feilloos. We klikten meteen. Nu rennen we elke donderdag samen in het Amsterdamse Bos, onze stappen synchronized, zweet vermengd. Hij is groot, 1.91m, behaard als een beer, rechts, atheïst, chaotisch. Ik links, gelovig, netjes. Totaal tegengestelden, beste vrienden.
Vorige winter, tijdens een etentje met onze partners, stelde hij voor: ‘Kom een weekend naar mijn chalet in de Ardennen, helemaal afgelegen.’ Geen stroom, geen water. Mijn man lachte: ‘Ga maar, Anna, je hebt rust nodig.’ Ik loog soepel: ‘Met een vriendin, sportief uitwaaien.’ Hart bonkte al. Pauls auto, snelweg, zijn hand op de pook, sensueel. Ik fantaseerde hoe hij neukt. Bij het tanken, urinoirs naast elkaar, gluurde ik. Zijn pik dikker dan die van Jeroen. Ik bloosde, stapte in, nam het stuur. Rachmaninov op, hij dommelde. Ik keek naar hem, mijn kutje tintelde.
De Leugen en de Opbouwende Spanning
Chalet: hout, vuur, sneeuw. Hij vulde de zinken badkuip met sneeuw. Bordeaux, worstjes. Plots: ‘Ik scheid. Ze neukt met een ander.’ Tranen, woede. Hij brak, ik troostte. Naakt in bed, mezzanine. Zijn haartjes tegen mijn huid. Ik werd nat, draaide me om. Sliep onrustig, droomde van zijn pik.
Volgende dag: sneeuwstorm, vast. Hij brandde zijn handen bij heet water. Ik verzorgde hem: gel, verband. Voedde hem, schepte eten in zijn mond. ‘Lekker, Anna,’ mompelde hij. Pissen: buiten, sneeuw. Ik ritste open, pakte zijn dikke lul vast. Warm, zwaar. Hij pisste, stoom. Ik schudde af, hart hamend. ‘Eerste keer een andere pik,’ grapte ik. Binnen, bad. Ik waste hem: shampoo, schuim over borst, ballen. Zijn pik hard in mijn hand. Ik trok voorhuid terug, wreef eikel. Hij kreunde: ‘Fuck, Anna…’
De Intense, Riskante Ontlading
Mijn trouwring glansde terwijl ik hem aftrok. Schuld flitste: Jeroen thuis. Maar geilheid won. ‘Zuigen?’ vroeg ik hees. Hij knikte. Ik zakte, nam hem in mijn mond. Zout, muskus. Hampe gleed diep, keel vol. Hij greep mijn haar: ‘Ja, sletje, doorzuigen.’ Ik kokhalsde, kwijlde. Staand neukten we: mijn broek omlaag, zijn pik ramde mijn kut. Hard, snel, urgent. Tegen de houten muur, sneeuw buiten. ‘Neuk me harder, Paul!’ siste ik. Ballen kletsend tegen mijn kont. Ik kwam gillend, hij spoot diep in me, warm zaad gutsend. Sperma droop langs mijn dijen. We hijgden, lachten nerveus.
‘s Avonds weer: ik op handen knieën, hij van achter. ‘Je bent van mij nu,’ gromde hij, vinger in mijn kont. Pik erin, rekte me uit. Klaarkomen tegelijk, schreeuwend. Uitgeput, verstrengeld.
Zondag: sneeuwvrij, terug. Onderweg pissen bij tankstation, ik hield weer vast, routiers keken. Thuis: kus Jeroen, geur van Paul nog aan me. We rennen door, zwijgen erover. Maar donderdags, in het bos, zijn blik: vuur. Mijn dubbel leven tiert. Schuld? Beetje. Maar dit geheim maakt me levend. Volgende chalet? Hart slaat over bij de gedachte.