Ik ben Lotte, 42, getrouwd met Pieter, twee kinderen, accountant in Amsterdam. Buitenstaanders zien een keurige vrouw: strakke jurken, alliance glimmend aan mijn vinger, altijd op tijd op kantoor. Maar diep vanbinnen kookt het. Elke augustus ga ik naar dat verlaten weggetje in de Achterhoek, waar mijn broer in ’98 met zijn motor crashte. Hij was 25, ik 17. Voor hij wegreed, lachte hij: ‘Als ik eraan ga, ga je neuken op mijn graf, zusje!’ Ik wist niet eens wat neuken betekende, maar het bleef hangen. Nu hou ik zijn woord. Elk jaar een nieuwe minnaar, op dé plek. Vandaag Bertrand, tango-instructeur, ook getrouwd. Grijs haar, gespierd van boksen vroeger. We ontmoetten elkaar op de dansvloer, zijn handen op mijn heupen… god, die hitte.
In de auto zweet ik. Het is augustus, snikheet, geen mens op die smalle weg. Tango-muziek uit de speakers, Carlos Gardel zingt over verloren liefde. Mijn hart bonkt als een trommel. ‘Vertel eens over je broer,’ zegt hij zacht. Ik vertel alles: de crash, de flard olie, zijn laatste woorden. Bertrand knikt, zijn hand op mijn dij. Mijn slipje is al nat. Thuis wacht Pieter met diner, kinderen vragen wanneer mama thuiskomt. Ik heb gezegd: ‘Zakelijke meeting.’ Liegen gaat makkelijk. Maar de adrenaline… fuck, die maakt me geil. We stoppen bij het paaltje. Ik leg een roos neer, adem diep. Wind ruikt naar droog gras, krekels tsjirpen luid. Niemand te bekennen. Kilometers leegte.
De spanning van mijn geheim en de reis ernaartoe
Ik draai me om, kijk hem aan. ‘Nu,’ zeg ik hees. Trek mijn jurk uit in één beweging. Naakt, behalve mijn grote zonnebril. Borsten zwaar, tepels hard door de hitte. Hij staart, slikt. ‘Jezus, Lotte…’ Ik gris zijn broek open, zijn pik springt eruit: dik, paars hoofd, druipend voorvocht. Ik kniel, ruik zijn zweet, muskus. Lik het topje, proef zout. ‘Neuk me hier, nu,’ commandeert hij. Maar ik wil hem proeven. Zuigen diep, ballen in mijn hand. Hij kreunt, grijpt mijn haar. ‘Je kut ruikt zo geil…’ Hij duwt me neer op het asfalt, heet, ruw tegen mijn rug. Spreidt mijn benen, begraaft zijn gezicht in mijn bos. Tong in mijn gleuf, zuigt clitoris. Ik gil zacht, alliance knijpt in zijn schouder. Hart racet, wat als iemand komt?
De wilde neukpartij midden op de weg
Hij staat op, pik rood van lujst. Duwt hem erin, één stoot. Vol, rekte mijn wanden. ‘Kutje zo strak,’ gromt hij. Pakt mijn tieten, knijpt tepels. Ik krom, nagels in zijn rug. Ritme snel, urgent: plof plof plof. Asfalt schaaf mijn billen, pijn mengt met genot. ‘Harder, neuk me kapot!’ schreeuw ik. Draai om, op handen knieën. Hij ramt van achter, ballen slaan tegen mijn clit. Handen op heupen, zweet druipt. Plots: een adder kronkelt uit het gras, ogen oranje. Ik verstijf… en kom keihard. Kut spuit, knijpt zijn pik. Hij brult, pompt zaad diep. Overvloedig, loopt langs mijn dijen op de weg waar broers bloed lag. Adder glijdt weg, ik grijp hem instinctief achter kop, gooi terug.
We hijgen, kleren aan in paniek. Dansen even naakt op tango uit de auto. Zijn armen sterk, mijn knieën bloederig maar euforisch. Rijd terug, hand op zijn schoot. Thuis kus ik Pieter, ruik nog Bertrand. Geheim veilig, niemand weet. Morgen weer brave vrouw. Maar vanavond masturbeer ik eraan, alliance fonkelend. Die rush… ik leef ervoor. Volgend jaar weer? Misschien met hem langer. Maar dit dubbele leven, fuck, het maakt me verslaafd.