Ik ben Anna, 34, getrouwd met Peter, woon in een knus huisje aan de rand van het bos bij Utrecht. Overdag ben ik die brave boekhoudster in pakjes en pumps, alliance glimmend aan mijn vinger. ‘s Avonds kook ik voor mijn man, kus ik hem goedennacht. Maar diep vanbinnen… god, ik hunkerde naar meer. Naar dat bonzende gevaar, die rush van betrapt worden. Peter is lief, onze seks prima, maar saai. Ik fantaseerde over vrouwen, ruw, snel, heimelijk.
Die warme zomernacht reed ik alleen naar huis, laat van kantoor. De weg door het donkere bos kronkelde, koplampen sneden door de zwartte. Mijn hart klopte al sneller, vermoeid maar hitsig. Plots zag ik haar: een oude vrouw langs de kant, frêle lijf in dunne jurk, lang wit haar. Ze lag half, een zwaar rugzakje naast zich. Ik remde, stapte uit. Hart bonkte. ‘Mevrouw? Gaat het?’
De Spanning van het Verbodene
Ze kreunde zacht, kwam traag overeind. Ogen grijs, stem schor: ‘Gestruikeld… zak te zwaar.’ Ik, de goede Samaritaan, tilde ‘m op – verdomme, loodzwaar. ‘Kom, ik breng je.’ Ze aarzelde, maar stapte in achterin. Ik startte, zweet parelde in mijn nek. Alliance voelde zwaar, Peter wachtte thuis. Maar waarom bonsde mijn kutje al?
Stilte achterin. Dan… rare zuchten. Ik keek in de spiegel – niks. Keek om: de oude was weg. Daar zat een jonge blondine, twenties, korte witte jurk omhooggekropen, dijen bloot. Haar hand… in mijn broek? Nee, wacht. Ze leunde voorover, mond op mijn nek. ‘Je bent nat, schatje,’ fluisterde ze, stem als echo.
Ik schrok, remde slippend stil. ‘Wat… wie ben jij?’ Maar haar lippen op de mijne, tong diep. Hand gleed onder mijn blouse, knijpte tepel hard. Mijn hart racete, kut pulseerde. ‘Stop… ik ben getrouwd…’ Maar ik kreunde al. Haar vingers ritsten mijn jeans open, doken in mijn string. ‘Voel je slipje, doorweekt.’ Twee vingers in mijn kut, pompend, duim op klit. Ik greep het stuur, benen spreiden. ‘O god… nee… ja…’
Explosieve Hartstocht in de Auto
Alliance schuurde tegen haar pols terwijl ik haar jurk optilde. Haar poesje kaal, glimmend. Ik zoog haar tepels, beet zacht. Ze kreunde: ‘Vinger me, brave huisvrouw.’ Mijn vingers gleden in haar natte spleet, krulden omhoog. Ze neukte mijn hand, heupen stotend. ‘Harder, sletje van je man.’ Ik rukte haar klit, zoog haar tong. Haar hand diep in mij, vinger in mijn kontgat duwend. Explosie bouwde op. ‘Ik kom… fuck, ik kom!’ Mijn kut spoot, schreeuw scheurde eruit, lichaam schokte.
Ze draaide me om, duwde mijn hoofd omlaag. ‘Lik me schoon.’ Tong in haar druipende poes, zout zoet. Ze kwam gillend, greep mijn haar. Toen… weg. Alleen lege achterbank, mijn broek open, kut druipend. Ik hijgde, veegde af. Startte trillend, reed door. Thuis sliep Peter. Ik sloop douche in, proefde haar nog op mijn lippen. Alliance fonkelde onschuldig.
Nu, dagen later, lach ik lief naar hem. Maar ‘s nachts raak ik mezelf aan, denk aan haar greep, het risico. Niemand weet. Dat maakt me weer nat. Mijn geheim, mijn rush. Misschien rij ik vanavond weer door dat bos…